Gemeenten moeten experimenteren in sociaal domein

Het is momenteel de grootste opdracht voor gemeenten, de transities binnen het sociale domein. Voor de transformatie bestaat duidelijk geen kant en klaar recept. ‘De gemeente moet daarom ruimte bieden om te experimenteren en niet alles juridisch willen dichttimmeren,’ vindt Mary van den Wijngaart, beleidsonderzoeker op het gebied van zorg en welzijn. Ze is mede-auteur van het boek ‘Blijven we een fatsoenlijk land?’ dat maandag gepresenteerd werd.

.

Het is momenteel de grootste opdracht voor gemeenten, de transities binnen het sociale domein. Voor de transformatie bestaat duidelijk geen kant en klaar recept. ‘De gemeente moet daarom ruimte bieden om te experimenteren en niet alles juridisch willen dichttimmeren,’ vindt Mary van den Wijngaart, beleidsonderzoeker op het gebied van zorg en welzijn. Ze is mede-auteur van het boek ‘Blijven we een fatsoenlijk land?’ dat maandag gepresenteerd werd.

Klaar op papier
Allereerst: het boek geeft geen antwoord op de titel, zegt Van den Wijngaart. Maar wel op vragen over hoe gemeenten mensen die zorg of ondersteuning nodig hebben deze stelselwijziging gaan opvangen. 'Dat de gemeenten er op papier klaar voor zijn, dat geloof ik wel. Maar het echte doorvoeren van de transities, dat gaat nog wel een tijdje duren. Op 1 januari 2015 gaat het echte werk pas beginnen.'


Vernieuwing nodig

Een van de adviezen die ze geeft is om bij het aantrekken van de marktpartijen niet alleen maar financiële overwegingen te maken. ‘Er wordt gewerkt in bestek, de partijen concurreren vooral in prijs. Dat is niet de manier hoe je vanuit het domein naar de burgers toe gaat,’ zegt Van den Wijngaart. ‘De gemeente moet een soort zelfstandige identiteit zijn die de afspraken met alle partijen maakt,’ vervolgt ze. ‘Voorheen was dit voornamelijk gebaseerd op risicoreductie. Maar wat we nu nodig hebben is vernieuwing.’

 
Visie 

Wat wel de goede manier is heeft alles te maken met het strategisch opdrachtgeversschap. ‘Gemeenten moeten een visie hebben, bedenken: “wat voor gemeente zijn we en wat willen we voor onze burgers betekenen?” Dat kan heel goed per gemeente verschillen,’ aldus de auteur. 'Als het maar samen met burgers en partijen tot stand is gekomen.'


Geen tijd en middelen

Ze geeft toe dat het voor de gemeenten geen gemakkelijke opgave is. ‘De randvoorwaarden zijn niet optimaal, dat klopt. Het ontbreekt ze aan tijd en aan middelen. Maar ik denk niet dat de uitvoering van de sociale taken er uiteindelijk slechter op wordt.  Meer op eigen kracht laten doen betekent niet “we kunnen het als gemeente niet, doe het zelf”, ook al wordt dat wel vaak zo uitgelegd. De gedachte gaat er juist vanuit wat de burger zelf wel kan. Dat is eigenlijk een heel mooi principe.’